dementievirendelijk in het openbaar vervoer
Momenten die je bijblijven

“Ik zal die lieve, correcte man nooit vergeten”

Bert is hoofdconducteur bij NS. Hij is in zijn werk wel gewend aan bijzondere situaties en onverwachte reacties van reizigers. Maar het verhaal van de verwarde reiziger in de trein van Amsterdam naar Rotterdam zal hem altijd bijblijven. 

Meer dan genoeg geld

Bert weet het nog goed. Op de Intercity Direct van Amsterdam CS naar Rotterdam CS begint hij vlak na Schiphol aan zijn controle. Tussen de reizigers in de trein bevindt zich een lieve, vriendelijke man van eind 70: “Mag ik uw vervoersbewijs zien meneer?” Na enig zoeken en vragen blijkt dat meneer geen kaartje heeft. Hij lijkt daar echter niet mee te zitten. “Dan koop ik er toch één bij u”, zegt hij monter. Bert is verrast: “Dat kan wel, maar weet u dat dat € 50,00 extra kost?” Dat is volgens meneer geen enkel probleem. Vrolijk haalt hij een handvol kleingeld uit zijn zak, bij elkaar zo’n zeven euro… “Ik heb genoeg, kijk maar!”, is zijn commentaar.

dementievriendelijk treinen

Als ik de trap af ga moet ik onderaan linksaf en dan kom ik bij TV serie. Daar moet ik zijn, want dan komt de trein naar hoofdstad.

Alarmbellen

Bij Bert gaan zachtjes een paar alarmbellen rinkelen. Hier klopt iets niet… “Waar komt u vandaan meneer?”, vraagt hij. “Ik kom uit die grote stad!”, klinkt het vriendelijk. “Uit Amsterdam?”, probeert Bert. “Ja, dat zou best eens kunnen”, is het antwoord. “En waar gaat u naartoe?’, wil Bert weten. Maar ook daarop komt geen duidelijk antwoord: “Ik moet naar hoofdstad”, beweert meneer. “Dat is twee steden naar links bij Nijmegen.” Het is duidelijk dat meneer de namen van de steden niet meer weet, maar hij schijnt wel een idee te hebben waar hij naar toe wil. Bert doet nog een poging: “Weet u dan wel hoe u daar moet komen?” Er volgt een verward verhaal: “Als ik de trap af ga moet ik onderaan linksaf en dan kom ik bij TV serie. Daar moet ik zijn, want dan komt de trein naar hoofdstad.”

Enkele reis Brussel Zuid

De alarmbellen rinkelen nu op volle kracht. Bert denkt even na. Meneer is waarschijnlijk in Amsterdam ingestapt. Maar waar komt hij vandaan? “Had u, toen u vanochtend op pad ging misschien wél een kaartje?”, polst hij. Bingo! Meneer zoekt in zijn tas en geeft hem dan inderdaad een ticket van die ochtend: een enkele reis Maastricht – Brussel Zuid… “Komt u uit Maastricht?”, vraagt Bert. “Ja”, reageert meneer opgelucht. “Dat is het. Hoofdstad!”
Bert neemt een besluit. “Weet u wat? Ik ga eens even bellen naar Rotterdam en dan vraag ik of daar een collega is die u verder kan helpen.” Meneer kijkt blij. “Oh, dat is fijn!” Hij klopt op zijn zak. “Weet u, ik ben piloot geweest. Daarom heb ik een Amerikaans paspoort. Maar ja, ik ben nu eind veertig en dan laat je geheugen je een beetje in de steek. Ik wilde graag terug waar ik vandaan kom.” “Heeft  uw paspoort bij u? Mag ik het misschien even zien?”, vraag Bert. Maar dat is te veel gevraagd. Meneer weigert zijn paspoort tevoorschijn te halen. Bert laat het rusten en neemt contact op met zijn collega’s van Veiligheid & Service in Rotterdam. Voor alle zekerheid vertelt Bert aan meneer dat deze mensen handboeien dragen, maar dat ze maar alleen met hem zullen praten.

 

dementievriendelijke conducteur

Bert

 

koffie van de kiosk

 

Op eigen kosten

Wanneer de trein aankomt op Rotterdam CS staan er twee collega’s te wachten. Ze stellen zich netjes voor aan meneer, maar hij geeft hen zijn naam helaas niet. Gelukkig heeft hij wel zijn paspoort. Eén van hen vraagt of hij vandaag al iets gegeten of gedronken heeft, want het was inmiddels het einde van de middag. Meneer denkt daar even over na. “Ik geloof het niet”, aarzelt hij. “Dan brengen we eerst een bezoek aan de Kiosk”, besluiten de mannen van Veiligheid & Service. Op eigen kosten zorgen zij er voor dat meneer een broodje eet en een kop koffie drinkt.

Bert moet verder met zijn werk, maar vraagt zijn collega’s om hem vooral op de hoogte te houden van wat er verder gebeurt. Meneer bedankt hem meerdere keren vriendelijk voor zijn goede zorgen. Later hoort hij hoe het afgelopen is.

Gevlogen op Korea

De collega’s van Veiligheid & Service nemen voor de zekerheid contact op met de politie. Wanneer deze komen, blijkt meneer een briefje in zijn paspoort te hebben met de naam van een zorginstelling in Maastricht. Een telefoontje maakt duidelijk dat men daar nog niet weet dat meneer die ochtend alleen op pad is gegaan. De collega’s van Veiligheid & Service zorgen ervoor dat de hoofdconducteur van de trein richting Eindhoven deze meneer meeneemt en hem in de gaten houdt. Daar zal meneer worden overgedragen aan mensen van een zusterinstelling van ‘zijn’ zorgcentrum in Maastricht. Zij brengen hem tenslotte terug naar huis. Later hoort Bert nog dat meneer inderdaad piloot was, bij de Amerikaanse luchtmacht. Hij heeft in zijn jonge dagen op Korea gevlogen.

Ik ben heel blij dat hij op Maastricht in de verkeerde trein stapte, zodat hij uiteindelijk bij mij in de trein terecht kwam. Je moet er niet aan denken wat er gebeurd was als hij naar Brussel was gereisd!

“Ik zal die lieve, correcte man nooit vergeten”, besluit Bert zijn verhaal. “En ik ben heel blij dat hij op Maastricht in de verkeerde trein stapte, zodat hij uiteindelijk bij mij in de trein terecht kwam. Je moet er niet aan denken wat er gebeurd was als hij naar Brussel was gereisd!”